Gevonden worden in ChatGPT: wat ons GEO-experiment ons leerde
TL;DR We testten GEO (Generative Engine Optimization) op ons eigen platform Congresagenda.nl. We voegden structured data, llms.txt en AI-geschreven content toe, en volgden de resultaten. Wat we zagen: het AI-verkeer groeit, onze Google-posities bleven sterk en we worden gevonden in ChatGPT — maar vaak op héél andere vragen dan we vooraf dachten. De les: optimaliseer niet voor losse vragen, maar schrijf voor de mómenten waarop mensen zoeken (de zogenoemde category entry points) en wees een complete, betrouwbare bron. Hieronder onze aanpak, cijfers en wat dit betekent voor DMO’s en CMO’s.
Stel je voor: een professional zoekt een inspirerend congres. Een bezoeker plant een weekend in jouw stad. Vroeger openden ze Google en kozen uit tien blauwe links. Nu vragen ze het aan ChatGPT, Gemini, Ask Maps of Perplexity. En krijgen één antwoord terug. Geen lijst, maar een korte tip met een paar namen.
En daar zit het probleem. Jouw museum, festival of agenda bestaat wél — maar als het in dat ene AI-antwoord ontbreekt, ziet de bezoeker het niet. Het venijnige: je merkt het niet. Geen foutmelding, geen daling die je meteen opvalt. Gewoon bezoekers die je stilletjes misloopt. De vraag voor elke DMO, CMO en culturele organisatie is dus simpel: sta jij in dat antwoord, of niet?
Wij wilden dit niet alleen begrijpen, maar zelf ervaren. Daarom testten we GEO op ons eigen platform: Congresagenda.nl. Deze blog is geen theorie en geen verkooppraatje. Het is kennisdeling: wat we deden, wat het opleverde, en wat we ervan leerden. We schreven eerder over de verschuiving zelf: Als zoeken in tweeën splitst: hoe DMO’s relevant en betrouwbaar blijven in het AI-tijdperk. Als eerste een korte uitleg:
Wat is GEO?
Naast SEO (gevonden worden in zoekmachines) komt er een nieuwe discipline bij: GEO — Generative Engine Optimization. Oftewel: zorgen dat AI-modellen zoals ChatGPT, Perplexity en Google’s AI-overzichten jouw informatie begrijpen, vertrouwen en doorgeven in hun antwoorden. Het verschil is belangrijk. Bij SEO wil je hoog in een lijst staan. Bij GEO wil je het antwoord zijn.
Wat een expert erover zegt
De verschuiving die wij in de praktijk zien, signaleren meer mensen. Auteur en spreker Martin van Kranenburg schreef er het boek Van SEO naar GEO over. Hij vat het scherp samen:
“Het tijdperk van de tien blauwe linkjes loopt op zijn einde. We gaan van een zoekmachinetijdperk naar een antwoordmachinetijdperk. Je wordt niet meer gevonden: je wordt gekozen. Wie daar niet tussen zit, bestaat simpelweg niet in het beslismoment.”
In een interview met Managementboek gaat hij verder: een taalmodel kijkt niet naar wat jij over jezelf zegt, maar naar wat anderen bevestigen — reviews, artikelen en vergelijkingen. Dat maakt het confronterend, maar ook eerlijk.
Zijn advies om te beginnen sluit naadloos aan bij onze aanpak: doe een nulmeting. Open ChatGPT in een tijdelijke chat (dus niet ingelogd, anders kent het model je al), stel je tien belangrijkste klantvragen en kijk of je merk in het antwoord verschijnt. Zo niet — waarom niet? En zijn vuistregel voor sterke content noemt hij het AUB’tje: wees Actueel, Uniek en Betrouwbaar. Precies wat een taalmodel nodig heeft om jou te durven noemen.
Niet zoekwoorden, maar mensen
Hoe maak je dan content waar een AI én een mens wat aan heeft? SEO- en GEO-specialist Chantal Smink draait het om. Ze begint niet meer bij zoekwoorden, maar bij de mens: maak content die echt helpt en die antwoord geeft op wat je klant werkelijk zoekt (AKA Helpful content).
Daarvoor gebruikt ze het QPAFFCGMIM-model: tien categorieën om je klant écht te begrijpen — Questions (vragen), Problems (problemen), Alternatives (alternatieven), Frustrations (frustraties), Fears (angsten), Concerns (zorgen), Goals (doelen), Myths (mythes), Interests (interesses) en Misunderstandings (misverstanden). Geen lijstje zoekwoorden, maar de lagen, intenties en bedoelingen achter het gedrag van je lezer. Wie die snapt, maakt content die vanzelf relevanter wordt — voor mens, zoekmachine én AI. Ze werkte deze aanpak uit in haar boek Het Contentkanon.
Deze blog is precies zo gemaakt. We begonnen niet met zoekwoorden, maar met de vragen en zorgen die bij jou als destinatie marketing professional leven — je ziet ze deels terug in de veelgestelde vragen verderop.
Wat we concreet deden
Geen theorie, maar echte stappen op Congresagenda.nl, ons proeftuin — een plek waar we in het echt testen:
- Intenties onderzocht. We bedachten met het QPAFFCGMIM-model welke vragen een professional stelt bij het oriënteren op een congres, workshop of nascholing. Niet alleen zoekwoorden, maar de échte vraag erachter. We hebben de interviews niet afgenomen, maar gegenereerd o.b.v. van een aantal functieprofielen.
- Onze AI-schrijfassistent ingericht. We maakten een speciale prompt zodat elke eventbeschrijving van een congres klopt voor mensen, voor zoekmachines én voor AI-modellen.
- Structured data toegevoegd aan alle eventpagina’s. Dat zijn vaste velden — datum, locatie, type, doelgroep — die computers direct begrijpen, zonder de tekst te hoeven uitpluizen.
- llms.txt en llms-full.txt toegevoegd. Dit is geen bewezen GEO-techniek — daar is discussie over. Maar het is makkelijk toe te passen en draagt mogelijk iets bij aan de vindbaarheid voor bots. Een kleine moeite, dus we deden het.
- Events meertalig herschreven met de AI-assistent — voor SEO, voor GEO, en vooral voor meertalige professionals die echt iets willen leren.
- Bots gevolgd in de serverlogs. Daar zie je welke crawlers langskomen, zoals GPTBot, OAI-SearchBot en ChatGPT-User. OpenAI documenteert deze bots zelf (overzicht hier). Het is informatie die gewone analytics vaak verbergt.
Wat het opleverde
De cijfers over de laatste drie maanden (19 maart – 17 juni 2026):
- 12.300 unieke bezoekers — een stijging van 20%.
- Organic Search bleef sterk: 79,8% van het verkeer. Onze goede posities en zoekteksten hielden stand. GEO ging dus niet ten koste van klassieke SEO.
- AI Assistants is een eigen, groeiend kanaal: 3,3% van het verkeer (407 bezoeken). Mensen komen nu binnen via ChatGPT en vergelijkbare tools.
- Bijna 1 op de 6 bezoekers klikt door naar de organisator (CTR 17,6%).
- In GEO-tools als Rankshift en Promptwatch en met eigen onderzoek zagen we dat we daadwerkelijk in AI-antwoorden verschijnen.
Eerlijk: niet elk cijfer ging omhoog. De bezoekduur werd korter en de bounce iets hoger. Meer bezoekers betekent ook meer mensen die snel checken en weer weg zijn. Dat hoort bij testen — je meet alles, ook wat tegenvalt.
De verrassende les
Dit is het belangrijkste wat we leerden, en wat geen enkele GEO-checklist je vertelt:
We worden gevonden — maar niet op de vragen die we vooraf bedachten.
We hadden een lijst met vragen in gedachten. In de praktijk dook Congresagenda.nl op bij heel andere vragen. AI-modellen combineren informatie op manieren die je niet volledig kunt voorspellen of sturen. De conclusie? Je kunt niet voor elke vraag apart optimaliseren. Wat wél werkt: zorgen dat je een complete, betrouwbare en goed gestructureerde bron bent. Dan word je opgepikt — ook bij vragen waar je zelf niet aan dacht.
Schrijf voor het moment: ‘category entry points’
Er is een marketingbegrip dat onze observatie precies verklaart: category entry points (CEP’s). Dat zijn de momenten waarop iemand aan een categorie denkt en er merken voor de geest komen. Het idee komt uit het boek How Brands Grow van Byron Sharp en draait om mental availability: word jij herinnerd op het moment dat de behoefte ontstaat?
Denk aan: het is weekend, het regent, en je wilt iets doen met de kinderen. In dat moment schiet een museum of attractie je te binnen — of niet. Dat moment is een CEP.
In AI-zoeken worden die momenten ineens zichtbaar. Mensen beschrijven hun hele situatie in eigen woorden. En achter één situatie zitten tientallen verschillende vragen. Schrijf je content rond het moment in plaats van rond één zoekwoord, dan word je gevonden bij al die varianten — ook de varianten die je nooit had bedacht. Precies wat wij zagen gebeuren.
SEO-platform Semrush testte dit en zag hetzelfde: artikelen die op een concreet moment waren gebouwd, werden maandenlang genoemd in AI-antwoorden. Artikelen rond een algemeen onderwerp zakten na een paar weken weg (lees hun onderzoek).
Voor een DMO of culturele organisatie betekent dit: denk in momenten, niet in zoekwoorden. Bijvoorbeeld:
- “Het regent dit weekend — wat kan ik met de kinderen doen in [stad]?”
- “Ik zoek een congres om bij te blijven in mijn vak.”
- “We willen met het team een inspirerende dag boeken.”
Hoe begin je? Ga met je team — redactie, klantcontact, … en eventueel partners — zitten en schrijf twintig échte momenten op waarop iemand jouw aanbod nodig heeft. Kijk welke je al goed dekt en waar gaten zitten. Schrijf dan de pagina die je zelf zou willen vinden als je dat moment in ChatGPT typt.
Wat dit betekent voor DMO’s en culturele organisaties
Vertaal onze ervaring naar jouw agenda:
- Structuur wint van mooie taal. Zorg dat elk event compleet en eenduidig in je data staat: datum, locatie, type, doelgroep. AI begrijpt feiten beter dan volzinnen.
- Jij bent de betrouwbare bron over je eigen bestemming. Maar dan moet die informatie wel actueel en compleet online staan, zo opgeschreven dat computers het makkelijk kunnen lezen.
- Optimaliseer voor het geheel, niet voor één vraag. Je kunt niet raden welke vraag een bezoeker typt. Een rijke, kloppende agenda verschijnt vaker — vanzelf.
En de afweging met je budget? Je hoeft niet te kiezen tussen advertenties, SEO en GEO — ze versterken elkaar. Advertenties leveren snel verkeer, maar stoppen zodra je budget stopt. SEO bouwt verkeer op dat blijft, organisch en zonder kosten per klik. Dezelfde – onderscheidende, actuelere, betrouwbare en dus betere – content die je voor SEO maakt, werkt vaak ook voor GEO. Eén inspanning, twee kanalen.
Veelgestelde vragen
1. Wat is het verschil tussen SEO en GEO? SEO zorgt dat je hoog in de zoekresultaten van Google of Bing komt — een lijst met links. GEO zorgt dat AI-modellen zoals ChatGPT jouw informatie gebruiken in hún antwoord. Bij SEO sta je in de lijst, bij GEO bén je het antwoord. Ze versterken elkaar: dezelfde heldere, complete content helpt voor allebei.
2. Mijn evenementen staan al online — waarom verschijnen ze dan niet in ChatGPT? Online staan is niet hetzelfde als gevonden worden door AI. Modellen pikken vooral informatie op die helder gestructureerd, compleet en betrouwbaar is. Staat je event als losse lap tekst zonder duidelijke velden (datum, locatie, type), dan is de kans kleiner dat een AI het oppikt en doorgeeft. Structuur en volledigheid zijn hier het verschil.
3. Moet ik kiezen tussen adverteren, SEO en GEO? Nee. Zie het als drie kanalen die elkaar aanvullen. Advertenties zijn snel maar tijdelijk. SEO bouwt langzaam (blijvend) verkeer op.
4. Wat gebeurt er als ik nu níéts met GEO doe? Op korte termijn waarschijnlijk weinig zichtbaars. Maar steeds meer mensen zoeken via AI. Wie dan niet in de antwoorden staat, raakt langzaam onzichtbaar — zonder het te merken, want je ziet geen daling van iets wat je nooit kreeg. Vroeg beginnen geeft je een voorsprong en tijd om te leren.
5. Kost GEO veel extra werk of budget? In ons experiment viel dat mee. De grootste winst zat in dingen die je toch al zou willen: complete, goed geschreven eventinformatie en nette structuur. Technische toevoegingen zoals structured data en llms.txt zijn relatief klein werk. Je bouwt voort op je bestaande SEO, niet ernaast.
6. Gaat GEO ten koste van mijn Google-verkeer? Bij ons niet. Tijdens het experiment bleef Organic Search 79,8% van het verkeer en hielden onze posities stand. In verschillende blogs wordt wel gemeld dat het verkeer van diverse websites flink afgenomen is. Wij waren er bang voor, maar het viel gelukkig mee. De GEO-aanpassingen — betere structuur en content — hielpen wellicht juist ook voor klassieke SEO. Je hoeft dus niet te kiezen.
7. Hoe weet ik of mijn organisatie in AI-antwoorden verschijnt? Op drie manieren. Stel zelf vragen aan ChatGPT en Perplexity en kijk of je genoemd wordt. Gebruik GEO-tools als Rankshift of Promptwatch die dit volgen. En kijk in je serverlogs welke AI-bots (zoals GPTBot of OAI-SearchBot) je site bezoeken — dat zie je in gewone analytics vaak niet.
Over Event Connectors
Event Connectors bouwt aan onze SaaS-tools vol events, locaties en routes voor bestemmings- en citymarketing. We helpen DMO’s en culturele organisaties om hun aanbod zo te structureren dat deze gevonden worden — in Google én in het nieuwe zoeken. Congresagenda.nl is ons proeftuin en ons bewijs dat dit werkt.
Nieuwsgierig wat GEO voor jouw Uitagenda kan betekenen? Neem contact met ons op — we laten je graag zien wat we zien.
Event Connectors helpt marketeers in bestemmingen, toerisme, cultuur en recreatie om zichtbaar te blijven in een wereld waarin zoeken verandert.
(AI-)Transparantie:
Deze blog is als concept geschreven m.b.v. AI en daarna door de auteur herschreven en geactualiseerd met cijfers en extra informatie. Deze blog bevat ook affiliate-links naar de boeken van Martin van Kranenburg en Chantal Smink. Koop je via zo’n link, dan kunnen wij een kleine vergoeding ontvangen — zonder extra kosten voor jou. We linken alleen naar werk dat we zelf waardevol vinden.
Bronnen:
- ‘Vraag niet naar Google-rankings, maar of je voorkomt in AI antwoorden’ – Martin van Kranenburg
- ‘We moeten af van de verkeerserites‘ – Chantal Smink
- Why Category entry points belong in every AI search strategy – Semrush
- Hoe maak ik AI-search zichtbaar met serverlogs
